De achterkant van de Pyreneeën

9821324701?profile=RESIZE_710xVlak achter de Pyreneeën, in de noordoosthoek van het Iberisch schiereiland ligt de Catalaanse provincie Girona. De meer dan 2000 jaar historie, de eigen cultuur, het mediterrane karakter, de hoofdstad Girona, de surrealistische kunstenaar Dalí en het uithangbord Costa Brava vormen de ingrediënten voor het toerisme. Henny Weel en Nico de Boer gingen op zoek naar de pareltjes van deze boeiende streek.
Tekst Nico de Boer Fotografie Henny Weel

Transavia vliegt ons naar El Prat de Llobregat, de luchthaven van Barcelona, omdat we na ons verblijf in de provincie Girona ook een bezoekje aan deze metropool willen brengen. Met de huurauto plus losse navigatie van Sixt rent-a-car toeren we vrij gemakkelijk Barcelona door op weg naar de hoofdstad Girona. Daar hebben we twee nachten geboekt in Hotel Gran Ultonia, een prima uitvalsbasis op korte wandelafstand van het sfeervolle historische centrum. Girona, dat kan bogen één van de steden te zijn met de hoogste kwaliteit van leven in Spanje, is een universiteits-, bestuurs- en winkelstad. De eertijds Iberische nederzetting werd beïnvloed door Romeinen, Moren en Middeleeuwse heersers.

9821325858?profile=RESIZE_710x

Ook als religieus centrum is Girona van grote betekenis geweest, getuige het aantal kerken. De stad heeft verder een historische vestingmuur, een voormalige jodenwijk, diverse kleine parken, monumenten en musea en een labyrint aan steegjes. Het oude centrum ligt tegen de oever van de Ríu Onyar aan, de rivier die oud en nieuw Girona scheidt. Op de met arcadebogen omzoomde Plaça de la Independència heerst tot laat in de avond een bruisende sfeer, zelfs nu ver in september, waar de heerlijke temperatuur zeker debet aan is. Met het eten van pintxos (tapas op een schijfje brood met een cocktailprikker er doorheen) en een sprankelend drankje, bespreken we onze plannen voor de volgende dagen. Morgen wandelen we over de Passeig de la Muralla (stadsmuur), bezoeken de monumentale gotische kathedraal (14de -16de eeuw) en slenteren we door de Barri Vell (oude binnenstad). Waar we ook het toeristentreintje nemen om even uit te rusten voordat we de dag besluiten met een heerlijke maaltijd. Want ook culinair heeft de stad een goede naam op te houden.

Tamaríu
Na Girona-stad besluiten we eerst het binnenland in te gaan en Banyoles en Besalú te bezoeken. Om daarna snel richting kust te koersen. Want met een temperatuur van 25-29 graden lonkt een verkoelende duik in de Méditerranné. Het meer van Banyoles, waar in 1992 tijdens de Olympische Spelen van Barcelona de roeiwedstrijden werden gehouden, is van een onbeschrijfelijke schoonheid zoals de folders aangeven. De plaats is dan wel bekend om zijn vele sportieve activiteiten, nu heerst er een gezapige sfeer van langzaam schuifelende ouderen, die ons er snel doet vertrekken. Beeldig Besalú, een middeleeuws pareltje in een glooiend heuvellandschap met fraaie stenen boogbruggen over de rivier Ríu Fluvià, is ons volgende doel. Gelukkig zijn er (nog) geen busladingen toeristen, waardoor het plaatsje extra sfeervol is. Het ingetogen gitaarspel van een jongeman achter de imposante vestingtoren sluit daarbij goed aan. Daarna gaan we door naar de kust. Maar waarheen?

De Costa Brava heeft maar liefst tweehonderd kilometer kust van Portbou, net achter de Pyreneeën, tot Blanes, de meest zuidelijke plaats van de Girona provincie. De plaats waar we 46 jaar terug onze eerste Spanje vakantie doorbrachten, toen er nog nauwelijks sprake was van massatoerisme. Nu willen we absoluut niet verblijven in één van die echte toeristenoorden zoals Roses, Empuriabrava, Platja d’Aro, Tossa de Mar, Lloret de Mar of Blanes, met hoogbouw, lange, brede zandstranden en een aaneenschakeling van terrassen waar je tussen plastic windvangers zit. Costa Brava betekent letterlijk vertaald ‘onherbergzaam kustlandschap’ en bij voorkeur zoeken wij die grillige kust met kleine baaitjes annex strandjes. En laagbouw. We gaan op de bonnefooi (dat heel goed kan eind september) zoeken in de buurt van charmante kustplaatsen als Cadaqués, Begur of Calella de Palafrugell. Om vandaar uit ‘s ochtends iets te ondernemen en ‘s middags vanaf een uur of twee een paar uur op een strandje te kunnen verblijven. Waarbij één van de hoofddoelen is dat de plaatsjes niet te ver afliggen van de Dalí Driehoek. Drie plekken waar kunstenaar Salvador Dalí heeft gewoond en gewerkt en waar je zijn werk en intrigerende levensstijl kunt zien en beleven. Dus sturen we eerst naar Palafrugell, een gemoedelijk provinciestadje dat drie kustplaatsjes verbindt.

Lees het hele artikel in ons reismagazine De Mooiste Rondreizen #3 2021. Bestellen kan hier >>

9821327664?profile=RESIZE_710x

E-mail mij als mensen hun opmerkingen achterlaten –

Je moet lid zijn van Meridian Travel om reacties toe te voegen!

Join Meridian Travel